Juni 2016 – Het Interview – VEBIDAK-Bericht

Samen voor de zaak

Samenleven en een zaak runnen is wellicht de oervorm van het MKB-bedrijf. Bij de bakker, slager of groenteboer zijn man en vrouw vaak samen met hun kroost aan het werk. Ook in de dakbedekkingsbranche treffen we bedrijven aan waar de partner volledig meedraait in het bedrijf. Vaak volgen daarna de kinderen om het succes van het familiebedrijf verder uit te bouwen. In een aantal gevallen staan deze op zekere dag zelf aan het roer van de eigen zaak.

Van vader op zoon, van moeder op dochter. Samen voor de zaak, een goede zaak? In het VEBIDAK-Bericht komen ze aan het woord.
In deze editie staat de familie de Herder van Dakdekkersbedrijf De Herder uit Vlaardingen centraal.

Van origine is Henk de Herder loodgieter. Daarvoor heeft hij alle denkbare beroepskwalificaties gehaald: gas- en waterfitten, installatietechniek, zinkverwerking en wat dies meer zij. Tot 1982 werkte hij in loondienst bij een installateur. Toen trok hij de stoute schoenen aan en begon voor zichzelf.

Samen met zijn vrouw richtte hij de huidige onderneming op, een gemengd bedrijf dat zowel het loodgieten als het dakdekken aanbiedt. “Dat was een gok. Het was een slechte tijd om voor jezelf te beginnen. Risicovol ook, want de kinderen waren destijds erg jong en we hadden net een huis gekocht. Mijn vrouw stond gelijk achter het idee van zelfstandigheid. Daarover hoefden we geen ellenlange gesprekken te voeren. We zochten het avontuur. Vanuit een kelder midden in het centrum van Vlaardingen zijn we gestart.

Ik was uitvoerend in de weer. Mijn vrouw voerde de administratie. Het was aanpoten.
Hoe we aan opdrachten kwamen? Het liep vanaf dag één. Mond-tot-mond reclame. Sinds het begin heb ik met A1-producten gewerkt. Na onze eerste woningbouwvereniging als klant is het alleen maar drukker geworden. De zaak floreerde. Er werd personeel aangetrokken.

De kelder bleek snel te klein. We zochten het verderop in een wat grotere ruimte. Op zeker moment hadden we vier bedrijfslocaties die verspreid waren over Vlaardingen. Die versnippering werkte niet. Bovendien hadden we nog steeds een gebrek aan ruimte. Uiteindelijk hakten we de knoop door en schaften de huidige bedrijfslocatie aan op het industrieterrein van onze haringstad.”

MANNENWERELD

Mariëlle is inmiddels tien jaar bij de zaak betrokken en Marco vijfentwintig jaar. Marco is er als vanzelfsprekend ingerold. Van jongs af aan heeft hij het dakdekken al in zijn vingers. Mariëlle daarentegen, voelde er bitter weinig voor om in de zaak van haar ouders aan het werk te gaan. “Ik was eigenwijs en misschien ook eigengereid. Dat botste soms met mijn vader. Ik wilde mijn eigen pad volgen, maar niet in de zaak van mijn ouders. Vakantiewerk deed ik er trouwens wel. Mijn droom was het om hooggekwalificeerd administratief werk te verrichten. Daarvoor had ik een HEAO-opleiding afgerond. Ik werkte in een showroom voor keukens en badkamers waar ik het goed naar mijn zin had. Ik verzorgde er de administratie en alles wat daarmee te maken had; de planning, logistiek en het voorraadbeheer. Ik kende alle materialen op mijn duimpje.

Helaas ging dit bedrijf op de fles en daar zat ik. Ik had net een huis gekocht en mijn vader kwakkelde op dat moment met zijn gezondheid. Dus bood ik aan om te helpen.

Zo ben ik begonnen en dat viel niet tegen. Ik vond het leuker dan ik had gedacht. Stap voor stap heb ik alle taken van mijn moeder in het bedrijf overgenomen.
Wat zij vroeger deed, doe ik nu. Alleen via geautomatiseerde processen in het beeldscherm. Werken in een mannenwereld vind ik geweldig. Je hebt geen geroddel en gezeur van vrouwen onder elkaar. In het begin had ik het gevoel dat ik me dubbel moest bewijzen.

Dat gold niet zo zeer intern als wel richting buitenwacht. Maar toen ze zagen dat ik van wanten wist, kon ik al gauw niet meer stuk en werd ik als één van hen beschouwd.”

JONGE JAREN

In 1982 was Mariëlle zeven en haar broer Marco elf jaar. Van jongs af aan hebben ze goed ervaren wat het betekent om kinderen van hardwerkende ondernemers te zijn. Pas in de avonden en in het weekend was er voldoende tijd voor de kids.
Mariëlle: “Ik heb dat nooit als vervelend ervaren. Het was niet anders. We hadden een hele lieve buurvrouw die mij opving als ik uit school kwam. Voor mij was dat geen straf. Mijn moeder zat toch nooit met thee en koekjes op me te wachten.

Daarvoor had ze geen tijd. Tijdens het avondeten ging het trouwens nooit over de zaak. En in de vakanties evenmin. Mijn ouders konden dat goed scheiden. Dat is nog steeds zo. Op verjaardagen en met de feestdagen zitten we als familie vaak bij elkaar. De zaak is zelden het gespreksthema. Toen we nog thuis woonden gingen we ieder weekend uit eten in een restaurant. En echt niet alleen bij de Chinees om de hoek. Dat was een ritueel, een luxe die mijn ouders zich konden permitteren en hen ontlastte. De keerzijde was dat er verder op de zondagen weinig ondernomen werd. Overdag zaten vader en moeder aan de keukentafel om de administratie te verzorgen.”

Henk beaamt die situatie. “Pas als ik ’s avonds de deur van de zaak in het slot had gegooid, was er tijd voor mijn gezin. Besognes met de kinderen op school, de sportclub, met hun gezondheid en noem zo maar op, daar probeerde ik overdag wel tijd voor vrij te maken maar dat lukte zelden. Dat was vooral de zorg van mijn vrouw. Tegenwoordig is er meer rust in de weekenden. De kinderen zijn het huis uit en leven hun eigen leven. Ik heb een huisje in Beekbergen gekocht en daar reis ik nagenoeg ieder weekend met mijn vrouw naar toe.”

VEEL GEBRACHT

Over naar de hamvraag of de eigen zaak veel gebracht heeft? Henk vindt van wel.
“De vrijheid om te kunnen doen en laten wat je wilt is het mooiste dat er is”. Het is de bedoeling dat Mariëlle en Marco de zaak op zekere dag zullen overnemen.
Het scenario daarvoor ligt klaar met Mariëlle en Marco als eigenaren en met Henk in de rol van adviseur. Wanneer de bedrijfsovername plaatsvindt, is evenwel in nevelen gehuld. Mariëlle: “Dat is aan mijn vader. Hij is inmiddels zeventig jaar en stoppen is voor hem geen optie. Hij en stilzitten zijn geen goede combinatie. Ik vind dat een eigen zaak je veel brengt. Wij zijn qua familie heel hecht.
We kennen elkaar van haver tot gort en vertrouwen elkaar volkomen.
Als ik vrij neem of op vakantie ga, dan zet ik de zakelijke telefoon uit. Dan ben ik alleen privé bereikbaar.
Een eigen familiezaak zorgt voor een bepaalde kwaliteit van leven.”